Naast hoofdelementen zijn er ook spoorelementen. In dit hoofdstuk gaan we een aantal spoorelementen nader bekijken. Dat zijn: IJzer (Fe), Borium (B), Koper (Cu), Mangaan (Mn), Molybdeen (Mo), Zink (Zn) en Chloride (Cl). Natuurlijk zijn er nog veel meer spoorelementen, maar de hierboven genoemde elementen zijn de belangrijkste spoorelementen die een plant nodig heeft om te groeien.
Daarnaast wordt in dit hoofdstuk het element Natrium (Na) behandeld. Hoewel Na officieel niet onder de spoorelementen wordt gerekend, heeft natrium wel een functie is als voedingselement.
Een plant heeft al deze elementen in kleine mate nodig om te kunnen groeien. Wanneer er van een bepaald element niet voldoende aanwezig is, dan stopt de groei. Ook al is er van andere elementen wel genoeg aanwezig.
Bekijk het als een regenton. De duigen (houten planken van de regenton) zijn dan de verschillende voedingsstoffen. Van sommige voedingsstoffen heeft de plant meer nodig (hoofdelementen). Deze duigen zijn dan ook breder. Een spoorelement is dan een smalle duig omdat er maar weinig van deze voedingsstof nodig is.
Alle duigen samen zijn belangrijk. Voor de groei heeft de plant alle elementen nodig in de juiste hoeveelheden. Je kunt je voorstellen wat er gebeurt als er te weinig van één element aanwezig is, zelfs al is dat maar een kleine duig. Dan gaat het mis, loopt het water uit de ton, ofwel heeft de plant een gebrek en kan niet groeien.
©2020 Nederlands Centrum Mestverwaarding